Boter is een uiterst delicaat voedingsmiddel dat lucht, warmte, licht en geuren vreest.
Ze moet goed in aluminiumfolie gewikkeld worden, of in een hermetische doos in de koelkast.
Omdat ze de eigenschap heeft geuren vast te houden, bewaar je boter bij voorkeur niet in de nabijheid van sterk geurende voedingsmiddelen zoals meloen of bepaalde soorten kaas.
Om ze kneedbaar te houden, leg je ze op een minst koude plaats in de koelkast, d.w.z. in het deurvakje of in een botervakje dat meestal voorzien is of in de groentebak, op voorwaarde dat daarin geen sterk geurende groenten, zoals prei liggen.
Gepasteuriseerde boter kan op die manier meerdere weken bewaard worden.
De uiterste verbruiksdatum staat vermeld op het pakje.
De kleurvariaties van boter, van bleekgeel tot goudgeel, houden geen enkelverband met de bewaringswijze.
De gele kleur van de boter ligt aan het voedsel van de koeien dat meer of minder rijk is aan gras, dus aan caroteen is.
In de zomer eten de koeien volop gras, dus dan is de boter geler dan in de winter.
